Waarom ik geen abonnee van de PZC meer ben

Begin 2010 heb ik mijn abonnement op de Provinciale Zeeuwse Courant opgezegd. Ik had dat abonnement 20 jaar. Ik ben journalist, dus ga er maar van uit dat ik in nieuws ben geïnteresseerd, ook in regionaal nieuws. Waarom dan toch dat abonnement opgezegd? De PZC vroeg het me ook, twee keer zelfs, maar dat deden ze zo onhandig dat ze het waarschijnlijk nog niet weten. Tijd om het op te schrijven.

De krantenconsumptie wereldwijd loopt terug en algemeen wordt daar het internet als schuldige voor aangewezen: het nieuws is gratis, supersnel en het aanbod is enorm, dus is het een wonder dat iedereen daarnaar toe trekt? Ik betrek inderdaad mijn nieuws al vele jaren van het net, en ik ben ook heel blij dat ik van al dat papier af ben. En hoewel er veel gratis is ben ik niet te beroerd om voor bepaalde websites te betalen. Dat zou ik ook doen voor een goede website met alleen Zeeuws nieuws, maar die is er nog niet.

Wat zijn mijn bezwaren tegen de PZC? Ik heb in het grijze verleden zelf bij die krant gewerkt, maar beschouw dat als een nuttige leerperiode. Geen oude rekeningen te vereffenen. Later heeft de krant mij meerdere malen geciteerd en zelfs een hele pagina aan mij gewijd en dat hebben ze prima gedaan, niets op aan te merken. Waarom dan toch dat abonnement opzeggen?

Hierom: Er staat nog zelden nieuws in de krant, hij is saai en voorspelbaar geworden, en dient vooral voor het eindeloos recyclen van boodschappen als: 'De aarde warmt op en dat is de schuld van de mens' 'De ontbossing gaat steeds sneller' 'Fossiele brandstoffen raken op' 'We mergelen de aarde uit' 'Zonne-energie is een prima alternatief' 'De oceanen sterven' 'De mens moet duurzaam gaan leven' ' Het milieu bedreigt onze gezondheid' enzovoort

U vindt dit wellicht allemaal behartenswaardige boodschappen, maar zolang de krant zo weinig aandacht besteedt aan de tegengeluiden moet ik toch concluderen dat U niet weet waar U het over heeft. Want ook al kom je ze zelden in de krant tegen: het ritselt van de deskundigen die met wetenschappelijke argumenten onderbouwd gehakt maken van bovenstaande claims. Ik ken in Nederland alleen al honderden van dat soort mensen. Journalistiek gesproken zou het razend interessant moeten zijn, om ze aan het woord te laten, maar dat gebeurt helaas veel te weinig. Daarmee is de PZC een groen parochieblaadje geworden voor de Greenpeace aanhangers. Dat is niet verboden, maar het is ook niet interessant.

Voorbeelden te over, ik doe er twee.

Als in de reclame wordt geroepen dat 'alle topspecialisten het er over eens zijn dat ons hondenvoer voortreffelijk is' dan weet iedereen dat dit een kreet is waaraan je niet veel waarde moet hechten. Maar als over het klimaat wordt gezegd dat 'alle topspecialisten het eens zijn' dan wordt dat plots zonder slag of stoot geaccepteerd. Het is evenwel niet meer dan een marketingtruc. Er bestaan geen lijsten van wetenschappers die het eens zijn, en als dat wel zo zou zijn dan zou je ook een lijst willen zien met mensen die het oneens zijn. En dan nog: in de wetenschap zegt een meerderheid helemaal niets, hier heerst geen democratie, maar een dictatuur van feiten. Maar waar journalisten op andere terreinen meteen argwanend worden als ze het woord 'autoriteit' horen, denken klimaatjournalisten dat het hier om een broer van God gaat wiens woord ze moeten verkondigen.

Het is werkelijk bar en boos zoals de journalistiek zich in de klimaatdiscussie heeft gedragen. Sommige media besloten zelfs expliciet om nog maar één kant van de zaak te laten horen. In journalistieke kringen werd gediscussieerd over de vraag: 'Moeten we gezien de ernst van de klimaatproblematiek, nog wel doorgaan met evenwichtige berichtgeving?'. En dat in een situatie waarin die berichtgeving al vele jaren niet meer evenwichtig was. Het deed er niet toe hoeveel hoogleraren met een doortimmerd tegenverhaal kwamen: alleen de boodschap dat de planeet ten onder zou gaan haalde de drukpers. De meeste kranten vertoonden dit gedrag. en de lezers ervan is dus vele jaren lang een heleboel relevante informatie onthouden. Zij konden niet afwegen of professor X of professor Y gelijk had. Dat deed de redactie wel voor ze. Wie zich echt met dit onderwerp heeft bezig gehouden (daar moet je wel internettoegang voor hebben) weet dat er helemaal geen klimaatprobleem heeft bestaan in de afgelopen halve eeuw. Het klimaatprobleem wordt steeds meer gezien als de grootste wetenschappelijke oplichting van alle tijden. De PZC heeft zich mede laten oplichten.

In Zeeland is kernenergie een interessant onderwerp. Maar sinds de vorige kernenergiediscussie in de jaren 80 is er het nodige gebeurd. Zo wordt dankzij vele studies hevig betwijfeld of straling wel zo gevaarlijk is. Vroeger dacht men dat ieder pietsie straling kankerverwekkend is - dat is de grondslag voor de anti kernenergiebeweging - maar de ontdekking van allerlei plekken op aarde waar de straling tientallen malen hoger is, maar de kankersterfte 20% lager heeft een forse wetenschappelijke discussie op gang gebracht. Menige wetenschapper vindt dat je radioactief afval eigenlijk door cement zou moeten mengen om er voor te zorgen dat mensen juist meer straling krijgen.

Wie heeft er nu gelijk? Is dit waar? Onder de mensen en organisaties die deze gedachtegang aanhangen zitten bijvoorbeeld twee Franse Academies van Wetenschappen. Daarmee wordt het nog niet 'waar', maar wel serieus genoeg om er in de krant over te berichten. Deze wetenschappelijke onenigheid is nieuws dat een heel debat kan doen omslaan. Reden om iedere anti-kernactivist mee te confronteren. Ik heb het de PZC-redactie laten zien, maar sommige journalisten haten blijkbaar nieuws.

Er zijn nog veel meer van dit soort onderwerpen ik behandel ze op www.groenerekenkamer.nl en op www.klimatosoof.nl

Groenen worden wel eens watermeloenen genoemd: groen van buiten, rood van binnen. 80% van de journalisten in dit land schijnt Groen Links of PvdA te stemmen, Die delen dus dat groene gedachtegoed, zijn zelf watermeloenen. Ze zijn in tegenstelling tot wat wel wordt aangevoerd niet professioneel genoeg om hun eigen politieke overtuiging eruit te filteren, maar geven deze integendeel volop de ruimte. Ik werd in dat vermoeden bevestigd toen ik voor de PZC een commentaar schreef (over de geluidsoverlast langs het spoor) en daarin een Fins/Frans Europarlementslid citeerde. De opinieredacteur van de krant vond dat dat citaat er uit moest want dat parlementslid behoorde volgens hem bij de autolobby. Dat was waar, maar ik zag niet waarom dat een reden zou zijn om hem te negeren als hij wat zinnigs te zeggen had. No way was de reactie (van enige aarzeling bij de PZC om iemand van de milieulobby aan het woord te laten heb ik nog nooit wat gemerkt)

Een hiermee verband houdende reden om de PZC op te zeggen is de poging van de krant om overheidssubsidie te krijgen. Iedere journalist leert de wereld te benaderen volgens het gezegde 'wie betaalt, bepaalt', maar plotseling vond een PZC redacteur dat geen probleem meer. Het NOS-journaal krijgt immers ook subsidie en dat is ook onafhankelijk (om dit stuk niet al te lang te maken beperk ik mijn reactie hierop tot: hahaha). Ik vind dat een krant geen overheidssubsidie moet ontvangen. Dat geld is niet vrijwillig afgestaan, mensen hadden daar liever andere dingen mee gedaan. Maar vooral: nu stelt de onafhankelijkheid van de krant al niet zo veel voor, en dat ga je dus niet neg eens erger maken. Het is een harde constatering: als door wat voor oorzaak dan ook je winkel geen bestaansgrond meer heeft dan moet je of je winkel aanpassen of verdwijnen. Dat geldt voor een bakker en dat geldt voor een krant. Om dat geld nu via een achterdeur binnen te halen door anderen via de belasting te dwingen jou te subsidiëren is heel erg links. Tal van geweldige blogs worden gemaakt zonder een cent overheidsgeld, en zo hoort het ook.

Maar dat gevoel blijkt diep te zitten. Toen ik eenmaal had opgezegd belde iemand namens de krant om mij te vragen naar mijn reden van vertrek. Ik legde hem het milieuverhaal uit en kreeg weinig reactie. Maar toen ik over de subsidie begon werd-ie furieus. Hoe kon de krant anders voortbestaan?. Hij vond mijn opstelling schandelijk. Toen ik zijn naam vroeg smeet-ie de hoorn er op.

De tweede keer dat ik werd gevraagd om mijn vertrek bij de krant toe te lichten was op een onhandige bijeenkomst met ex-abonnees waar een marketingmevrouw ons ondervroeg. Vreemd genoeg geen journalist die dat soort dingen toch beter kunnen. Ik hoef niet te snieren over die bijeenkomst, ik begrijp best dat men op zoek gaat naar allerlei oplossingen om de teruggang te bestrijden. maar hoe dan ook kon ik op die bijeenkomst mijn verhaal niet echt kwijt. Daarom heb ik het maar opgeschreven.

Post new comment

The content of this field is kept private and will not be shown publicly.
By submitting this form, you accept the Mollom privacy policy.